Laatst bijgewerkt op: 10-05-2019 - aantal paginaweergaves: 10 - gemiddelde leestijd: 1 minuut, 23 seconden

E 2 Toelichting

Elke jaarrekening moet gecontroleerd worden.

Dat kan door een accountant, d.w.z. een lid van de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), gebeuren of door (tenminste) 2 financieel deskundigen die geen deel uitmaken van het College van Kerkrentmeesters of de kerkenraad (in geval van een jaarrekening van het CvK) of het College van Diakenen of de kerkenraad (in geval van een jaarrekening van het CvD).

Een accountant kan 3 soorten verklaringen afgeven :

  1. een controleverklaring, de meest ”sterke” en uitgebreide verklaring dat de jaarrekening is gecontroleerd (en in orde bevonden);
  2. een beoordelingsverklaring, waarin de accountant verklaart dat de jaarrekening is beoordeeld en tijdens de cijfer- en detailcontroles geen onregelmatigheden heeft opgemerkt;
  3. een samenstellingsverklaring, dat de jaarrekening is opgesteld met de deskundigheid van een accountant, maar dat de opdrachtgever verantwoordelijk is voor de juistheid van de cijfers.

In de jaarrekening wordt de accountantsverklaring opgenomen en duidelijk aangegeven om welke soort verklaring het gaat.

De onafhankelijke financieel deskundigen geven een verklaring af volgens bijlage 4 van de richtlijn.

Ook een verklaring van de Stichting Kantoor der Kerkelijke Administraties (KKA) dat het controleprotocol van KKA gevolgd is bij de samenstelling van de jaarrekening, geldt als een controleverklaring.

Andere verklaringen, zoals een samenstellingsverklaring van iemand die geen lid is van de NBA, of een verklaring van een niet-accountant dat “de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen op 31 december 20.. en van het resultaat over 20.. “ of een dergelijke strekking, mogen niet in de jaarrekening worden opgenomen.

Zie ook